
Je moet een beetje handig en lenig zijn als je op een boot als deze werkt, want het is niet alleen comfort wat zo'n boot biedt maar ook heel veel dingen die defect kunnen raken. Deze trip valt het gelukkig mee. De 2e dag van de oversteek geeft de autopilotmotor er weer eens de brui aan. De aanpassingen die vorig jaar door de fabrikant aan het apparaat gedaan zijn, hebben blijkbaar nog steeds niet het voortijdige slijtageprobleem kunnen oplossen. Motor eruit en nieuwe reservemotor erin in een benauwd hoekje van 1/2 kubieke meter in de achterpiek op een slingerend schip. Dit begint bijna een standaardklus te worden om de ca. 2500 mijlen. Maar als het ding vervangen is, doet de stuurautomaat het weer uitstekend en stuurt ie beter dan ieder van ons.
Verder slijt er een dyneemalijn van de traveller door, die Michel een bijna doodskistervaring opleveren (zie bijgaande foto, alleen de voeten maat 44 passen er net niet in). En met een paar meter hoge golven mag onze handige Harrie de mast in om de beugel rond de radar weer in vorm te trekken met hulp van de andere bemanningsleden aan dek. Iets te lang doorgevaren met weinig wind, waarbij de genua zich af en toe om de beugel heen wentelt en daar klaarblijkelijk voldoende krachten uitoefent om de beugel te ontzetten.
Maar als het hier bij blijft mogen we niet klagen, touch wood!